Zo pak je kruidentuin aan
Kruiden zijn de dankbaarste planten in een Belgische tuin: ze vragen weinig ruimte, weinig bemesting en belonen je elke week met smaak. Toch lopen veel starters vast op dezelfde punten. Basilicum die binnen wegkwijnt, munt die alles overwoekert, rozemarijn die de winter niet haalt. Bijna altijd gaat het over standplaats en drainage, niet over groene vingers.
Deel je kruiden mentaal in twee groepen. De mediterrane groep (tijm, rozemarijn, salie, oregano, lavendel) wil zon, schrale grond en vooral droge voeten in de winter. De sappige groep (basilicum, peterselie, bieslook, koriander, munt) wil rijkere, vochtiger grond en verdraagt halfschaduw. Zet je die twee groepen in dezelfde pot met hetzelfde gietschema, dan verliest er altijd één.
Praktisch: plant na de ijsheiligen buiten uit, oogst regelmatig zodat planten compact blijven en knip bloemknoppen weg bij basilicum en koriander om doorschieten uit te stellen. Een kruidentuin vlak bij de keukendeur wordt drie keer zo vaak gebruikt als eentje achteraan in de tuin, dus kies je plek op basis van je looplijnen. Hieronder vind je gidsen over aanleg, overwinteren, binnen kweken en het oogsten en bewaren van je kruiden.